Wetenschappelijke integriteit: een vermoeden van inbreuk - wat te doen?
Het continuum van goed naar slecht
De kern van wetenschappelijke integriteit gaat over kwaliteit: hoe maak ik mijn onderzoek beter, meer genuanceerd, robuust of betrouwbaar? Goede onderzoekspraktijken dragen hieraan bij.
Tast een onderzoekshandeling de kwaliteit van het werk aan, dan spreken we van slechte onderzoekspraktijken.
Drie gedragingen worden gezien als fraude (het traditionele FFP-model):
- fabricatie
- falsificatie
- plagiaat.
Maar heel wat meer gedragingen tasten goede onderzoekspraktijken aan en houden zo een schending in van de principes van wetenschappelijke integriteit. De Europese gedragscode voor wetenschappelijke integriteit, ook wel ALLEA-code, omschrijft er een aantal als ‘onaanvaardbare praktijken’.
Een volledige lijst maken van wat wel en wat niet kan, voor alle onderzoekers, in alle onderzoeksomstandigheden is onhaalbaar. De waarden en normen binnen de ALLEA code moeten worden vertaald naar elke specifieke onderzoekssituatie. Dit vraagt kritische reflectie van onderzoekers zowel op het eigen onderzoeksgedrag als op het gedrag van anderen, en het maken van keuzes binnen het kader van ALLEA.
Kijk je kritisch naar onderzoeksgedrag, dan rijzen vaak vragen of twijfels. Misschien ervaar je van nabij zelfs een inbreuk op de wetenschappelijke integriteit.
Een vermoeden van inbreuk: wat nu?
Je eigen werk en dat van anderen in vraag stellen, is deel van de kritische houding die van een onderzoeker wordt verwacht. Om op (elkaars) werk te kunnen voortbouwen, zijn kritischre vragen zelfs noodzakelijk. Dit betekent niet dat je het altijd met elkaar eens bent, wel integendeel. Kennisaccumulatie komt net zo goed uit een 'verschil in wetenschappelijke mening'. Dergelijke meningsverschillen worden via 'de geijkte wegen' aangepakt; onderzoekers gaan met elkaar in debat, reageren op publicaties (al dan niet met nieuwe publicaties), geven elkaar feedback op symposia, ... .
Maar soms zijn er aanwijzingen dat er meer aan de hand is dan louter een verschil van mening. Dat er 'iets mis lijkt', betekent trouwens niet altijd dat er moedwillig een inbreuk is gebeurd. Wetenschap gebeurt door mensen en daarmee bestaat de kans op een menselijke fout. Omdat een inbreuk op de wetenschappelijke integriteit een intense beschuldiging is, mag er niet licht mee omgesprongen worden. Vooraleer beschuldigingen worden geuit, ga je dus best een paar vragen na.
1. Is het echt fraude of een schending van wetenschappelijke integriteit?
- Raadpleeg de Europese gedragscode voor wetenschappelijke integriteit (ALLEA-code).
- Praat met collega's of leidinggevenden (direct leidinggevende, PI, hoofd van de onderzoeksgroep, decaan, ... of het facultair aanspreekpunt wetenschappelijke integriteit) om na te gaan welk onderzoeksgedrag binnen je discipline het meest gepast/gangbaar is. Doe dit steeds binnen een open, niet-bedreigende communicatie. Opgelet: blijf altijd kritisch. Gewoontegedrag is niet noodzakelijk hetzelfde als een goede wetenschappelijke praktijk.
- Benchmark: hoe gaat men om met (bepaalde aspecten van) integriteitskwesties in andere universiteiten of onderzoeksgroepen. Aarzel niet om je (inter)nationale netwerk aan te spreken.
- Een duidelijk standpunt biedt steun aan onderzoekers die twijfelen: maak als onderzoeksgroep of faculteit 'good research practices' duidelijk.
- Blijf nooit zitten met een vermoeden of een vraag. Neem contact op met de secretaris van de Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit (CWI).
2. Kan ik de kwestie bespreken?
Het kan verstandig zijn om je vermoedens eerst vertrouwelijk aan een betrouwbare derde voor te leggen. Maak hierbij een weloverwogen keuze (afdelingshoofd, facultair aanspreekpunt wetenschappelijke integriteit, decaan, ...).
In sommige gevallen is het wenselijk of mogelijk om de kwestie aan te kaarten bij de direct betrokkene (degene die de onderzoekspraktijk stelt). Het is belangrijk om voorzichtig te werk te gaan, met voldoende aandacht voor de gevoeligheid van het onderwerp. Beschrijf de situatie zo duidelijk mogelijk en bereid het gesprek goed voor. Je kan je in dit gesprek ook laten bijstaan door de betrouwbare derde of door een persoon van je eigen keuze.
Voor sommige mensen kan deze aanpak beschuldigend overkomen. Vraag daarom vooraf advies aan de secretaris van de Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit: op basis van relevante expertise kunnen zij je nuttige tips geven en verdere actie ondersteunen.
3. Extra ondersteuning nodig?
Soms is een gesprek geen optie (meer). In dat geval dien je beter klacht in bij de Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit. Alle UGent-onderzoekers worden aangemoedigd om elke (vermeende) inbreuk op de wetenschappelijke integriteit te melden aan de CWI. Dit kan eenvoudig via e-mail (CWI@UGent.be). De commissie heeft een procedure die de behandeling van klachten reguleert.
4. Is je beschuldiging voldoende gegrond?
Je kunt beschuldigingen niet zomaar uitspreken. Er is altijd een kans dat je iemand(s carrière) ten onrechte beschadigt. Dat geldt in beide richtingen: een onterechte beschuldiging kan mogelijk ook jezelf en je carrière schaden. Zorg er daarom voor dat:
- een klacht vergezeld is van de nodige bewijzen. Een goed onderbouwde beschuldiging bestaat uit een grondige uiteenzetting van de feiten, bij voorkeur chronologisch opgebouwd en is met bewijzen gestaafd.
- dit bewijsmateriaal kan vele vormen aannemen; van originele datasets, tot e-mailcorrespondentie, notities en memoranda, afbeeldingen, verklaringen van betrokken collega's, enz. Het is belangrijk zo precies mogelijk aan te geven waarvan je de persoon beschuldigt en hoe dit uit het bewijsmateriaal blijkt.
Mocht je hierover vragen hebben, aarzel dan niet om contact op te nemen met de secretaris van de Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit.
Meer tips
- Wetenschappelijke integriteit: de Mind the GAP podcast reeks (Integer onderzoek & ethiek)
- Wetenschappelijke integriteit: training volgen - de basis (online training tool Mind the GAP) (Integer onderzoek & ethiek)
- Wetenschappelijke integriteit: training volgen – verdieping (dilemmatraining) (Integer onderzoek & ethiek)
Vertaalde tips
Laatst aangepast 29 januari 2026 12:20